sanofi pasteur MSD
Tell someone, een educatieve website over baarmoederhalskanker en het Humaan Papillomavirussanofi pasteur MSD Verstuur deze pagina via email Verstuur deze pagina via email

Print deze pagina Print deze pagina

+ increase | grootte tekst  

HOME
Alles over baarmoederhalskanker
Feiten en fabels over baarmoederhalskanker
Praat met uw arts
Instrumenten en Materialen

Veelgestelde vragen
Referenties
Verklarende
woordenlijst
Feiten en fabels over baarmoederhalskanker

Feiten en fabels over baarmoederhalskanker



FABEL: Baarmoederhalskanker kan effectief behandeld worden als het vroegtijdig ontdekt wordt.

FEIT: Door het regelmatig laten afnemen van een uitstrijkje kunt u bijdragen tot het verminderen van uw kansen op het ontstaan van baarmoederhalskanker. Dit eenvoudig onderzoek dat abnormale cellen in de baarmoeder kan opsporen, heeft het aantal overlijdens als gevolg van baarmoederhalskanker in Europa aanzienlijk doen dalen en kan ook uw leven redden.
Laat een uitstrijkje afnemen zo vaak uw arts dit aanbeveelt. Het loont de moeite er tijd voor te maken, zelfs als u een druk leven hebt of als u zich volkomen in orde voelt. Het is belangrijk uw gezondheid in handen te nemen en zorg te dragen voor uzelf.

FABEL: Regelmatige afname van een uitstrijkje kan vrouwen beschermen tegen baarmoederhalskanker

FEIT: De meeste vrouwen vernemen dat zij geïnfecteerd zijn met het humaan papillomavirus ter gelegenheid van een afwijkend uitstrijkje. Een uitstrijkje van de baarmoederhals (ook uitstrijkje genoemd) is onderdeel van een routinematig gynaecologisch onderzoek en draagt bij tot het opsporen van abnormale cellen in de wand van de baarmoederhals.
Naast uitstrijkjes van de baarmoederhals, kan uw arts een ander onderzoek voorstellen voor het opsporen van types van het humaan papillomavirus met een hoog risico. Het doel van deze test is na te gaan of de afwijkende cellen in de baarmoederhals veroorzaakt worden door een type van humaan papillomavirus met een hoog risico dat zich tot een baarmoederhalskanker zou kunnen ontwikkelen. De resultaten kunnen mee bepalen of u verder onderzoek of behandeling nodig hebt.

FABEL: Als u geïnfecteerd bent met het humaan papillomavirus zult u baarmoederhalskanker krijgen.

FEIT: Ondanks het feit dat het humaan papillomavirus veel voorkomt, is dit gelukkig niet het geval voor baarmoederhalskanker. De meeste types van HPV-infecties resulteren in een spontane eliminatie van het virus. Wanneer u geïnfecteerd bent met bepaalde types van het humaan papillomavirus en uw lichaam niet in staat is om deze types te verwijderen, kan deze infectie leiden tot afwijkingen in de baarmoederhalscellen. Als deze afwijkende cellen niet tijdig ontdekt worden, kunnen deze zich ontwikkelen tot kanker. Deze ontwikkeling kan enkele jaren duren. Soms kan dit proces echter sneller verlopen.

FABEL: Als u en uw partner altijd een condoom gebruiken, bent u beschermd tegen het humaan papillomavirus.

FEIT: Een condoom biedt geen betrouwbare bescherming tegen de overdracht van het humaan papillomavirus doch zal hoogstens het infectie-risico beperken. Humaan papillomavirus is zeer frequent, wordt gemakkelijk overgedragen en kan totaal symptoomloos zijn. Iedereen die seksuele betrekkingen heeft gehad of genitaal contact heeft gehad met iemand die drager is van genitale papillomavirussen, kan geïnfecteerd zijn.

Eén enkele partner met het humaan papillomavirus is voldoende om geïnfecteerd te zijn. Men heeft aangetoond dat de meeste mensen het humaan papillomavirus oplopen in de adolescentie.

FABEL: Een uitstrijkje kan de menstruatie op gang brengen.

FEIT: In het algemeen veroorzaakt het uitvoeren van een uitstrijkje geen bloedingen. Er kan soms echter spotting (een geringe hoeveelheid bloedverlies gedurende een korte tijd) optreden.

FABEL: Iedereen met dezelfde vorm van kanker krijgt dezelfde behandeling.

FEIT: Behandeling hangt af van uw behoeften als patiënt. Behandeling hangt af van een aantal factoren - waar de kanker gelokaliseerd is, of de kanker zich verspreid heeft en of de kanker invloed heeft op het functioneren van het lichaam en de algemene gezondheid.

De arts kan bij een ziekteafwijking in de cellen van de baarmoederhals beslissen om deze afwijkingen op te volgen aan de hand van regelmatige onderzoeken omdat er een kans is dat het lichaam zichzelf geneest.
In meer ernstige gevallen kan uw arts beslissen ze te verwijderen, en dit zal de ontwikkeling van baarmoederhalskanker vrijwel altijd voorkomen.

FABEL: Iedereen met kanker moet behandeld worden.

FEIT: De beslissing over welke behandelingsmethode moet worden ingesteld, moet door de arts en de patiënt worden gemaakt op basis van diverse factoren, waaronder:

  • De grootte van de kanker en of hij is uitgezaaid (het stadium van de kanker)
  • De leeftijd en de globale gezondheid van de vrouw
  • De voorkeur van de patiënt

FABEL: Een vaccin tegen baarmoederhalskanker is gevaarlijk omdat het virus in het vaccin niet is gedood.

FEIT: Het vaccin lijkt op een virus maar heeft geen viraal DNA. Het is dan ook niet in staat een infectie of ziekten als gevolg van het humaan papillomavirus te veroorzaken
Het humaan papillomavirus heeft een buitenste omhulsel, een capside genaamd, dat de genetische identiteitskaart van het virus, het virale DNA, omvat. Het is dit DNA dat de vermenigvuldiging mogelijk maakt en dat verantwoordelijk is voor de infectie van menselijke cellen.

FABEL: Als ik geïnfecteerd ben met het humaan papillomavirus, kan een vaccin mij niet meer helpen.

FEIT: Een vaccinatie zal u niet beschermen tegen infecties door types die reeds aanwezig zijn, maar zal u nog altijd beschermen tegen de andere types van het humaan papillomavirus die in het vaccin aanwezig zijn. 

Er bestaan twee vaccins tegen baarmoederhalskanker. Ze bieden allebei bescherming tegen de twee virustypes die verantwoordelijk zijn voor de meeste gevallen van baarmoederhalskanker. Eén ervan biedt ook bescherming tegen twee andere virustypes die genitale wratten kunnen veroorzaken. Daarom spreekt men van een quadrivalent vaccin.

De verschillende virustypes in kwestie zijn:

  • De oncogene types met “hoog risico” (de humaan papillomavirus types 16 en 18) die baarmoederhalskankers kunnen veroorzaken of verantwoordelijk kunnen zijn voor afwijkende cellen in de bekleding van de baarmoederhals die soms tot kanker kunnen evolueren. De types 16 en 18 zijn verantwoordelijk voor ongeveer 75% van alle gevallen van baarmoederhalskanker in Europa.
  • De oncogene types met “laag risico” (de humaan papillomavirus types 6 en 11) die genitale wratten kunnen veroorzaken.

Het vaccin kan toegediend worden:

  • aan jonge meisjes en tienermeisjes (vanaf 9 of 10 jaar volgens het vaccin): vóór de blootstelling aan het virus of zelfs als ze reeds in contact zijn geweest met het virus (het vaccin zal nog bescherming bieden tegen de andere types inbegrepen in het vaccin).
  • aan jonge vrouwen (tot 25 of 26 jaar volgens het vaccin): zelfs indien ze reeds in contact zijn geweest met het virus (het vaccin zal nog bescherming bieden tegen de andere types inbegrepen in het vaccin).

FABEL: De vaccinatie tegen baarmoederhalskanker zal het ontstaan van baarmoederhalskanker onmogelijk maken.

FEIT: De vaccinatie die thans mogelijk is, biedt bescherming tegen de meeste vormen van baarmoederhalskanker* maar ook tegen de letsels die eraan voorafgaan.
De vaccinatie tegen het humaan papillomavirus zal dan ook een eerstelijns-verdediging zijn tegen het virus en tegen baarmoederhalskanker.

Het is evenwel de combinatie van screening via uitstrijkjes en vaccinatie dat de doeltreffendheid van het programma voor het verminderen van baarmoederhalskanker werkelijk maximaal zal maken.

* De types van het humaan papillomavirus in het vaccin zijn verantwoordelijk voor 75% van de gevallen van baarmoederhalskanker in Europa.


Doe de Quiz

Hoeveel weet u werkelijk over het humaan papillomavirus en baarmoederhalskanker?
sanofi pasteur MSD Home  
© 2010 Produced by Sanofi Pasteur MSD